KNAL! Leuvens Stadsfestival  over ontstaan van de kosmos


Universiteitsstad Leuven is tot 30 januari 2022 het decor voor KNAL! Stadsfestival van de Big Bang. Rode draad in het programma is de verwondering van de mens over de kosmos en het ontstaan ervan. De keuze voor dit thema werd ingegeven door een blinde vlek in het collectieve geheugen: bijna niemand weet namelijk dat de bekende 'bigbangtheorie' in de vorige eeuw in Leuven is geschreven door professor Georges Lemaître. En hoewel zijn stelling in 1927 nog werd afgewezen door Albert Einstein, stemde deze in 1933 alsnog in op zijn hypothese van het oeratoom.

Initiatiefnemer KU[N]ST Leuven maakt kunst en wetenschap voor iedereen toegankelijk

De initiatiefnemer van dit Stadsfestival is KU[N]ST Leuven, het samenwerkingsverband van stad Leuven en KU Leuven. Met het Stadsfestival KNAL! zorgt deze opnieuw voor een big bang in Leuven waarbij meer dan 120 partners betrokken zijn. KU[N]ST Leuven realiseerde in het verleden al verschillende festivals die honderdduizenden bezoekers op de been brachten.

Wat dit stadsfestival bijzonder maakt is de verbinding tussen wetenschap en kunst, typerend voor Leuven als creatieve hub en centrum voor kennis en innovatie. Naast een aantal internationale toptentoonstellingen zet KNAL! ook volop in op vernieuwing met de inbreng van jonge kunstenaars en makers. Innovatief is ook het Planetarium Music Festival in The Dome, een unieke tijdelijke locatie. En dat iedereen kunst en wetenschap kan beleven, bewijzen evenementen voor jong en oud, zoals KNAL! START of de Space Days.

Wie was Georges Lemaître en wat was de relatie met theoretisch natuurkundige Albert Einstein?

Albert Einstein & Georges Lemaître in Caltech, Pasadena, 1933. Collection University Archives KU Leuven © New York Times
Albert Einstein & Georges Lemaître in Caltech, Pasadena, 1933. Collection University Archives KU Leuven © New York Times

Georges Lemaître is de ontdekker van de zogeheten oerknaltheorie en de grondlegger van de moderne kosmologie. Hij werd geboren in Charleroi op 17 juli 1894. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vocht hij mee aan het 'IJzerfront'. Nadien pakte hij zijn studie weer op en koos voor natuur- en wiskunde, gevolgd door een studie theologie. In 1923 wordt hij tot priester gewijd en in 1925 krijgt hij zijn aanstelling aan de KU Leuven. Daar werkt hij verder aan zijn kosmologisch onderzoek en komt tot de ontdekking van de oerknal.

Lemaître verblijft in de jaren twintig vaak in het buitenland. Hij werkte in gerenommeerde instellingen zoals Cambridge University in het Verenigd Koninkrijk en doctoreerde aan het befaamde MIT, Massachusetts Institute of Technology, in de Verenigde Staten. Tijdens zijn Amerikaanse periode komt hij in contact met vooraanstaande kosmologen zoals Edwin Hubble. Geïnspireerd door al die verschillende theorieën en inzichten publiceert hij in 1931 zijn beroemde artikel in het tijdschrift Nature.

Opmerkelijk is dat Georges Lemaître ingaat tegen de heersende wetenschappelijke theorieën. Tot dan dacht men dat het universum statisch was en dat het altijd zo was geweest. Lemaître toont met de relativiteitstheorie van Albert Einstein aan, dat het universum sinds zijn oorsprong steeds verder aan het uitdijen is. Het heelal is dus ooit begonnen vanuit een oeratoom. Het was 'dag nul' waarop tijd en ruimte startten. Hij noemde het ook wel 'de dag zonder gisteren'.

Thomas Hertog over nieuwe visie op de huidige kosmologie

Hello Radio interview met de Belg Thomas Hertog, bekend kosmoloog en natuurkundige. Hij studeerde Natuurkunde aan de KU Leuven en promoveerde vervolgens bij Stephen Hawking aan de University of Cambridge in het Verenigd Koninkrijk. Nadien werkte Hertog in de Verenigde Staten als onderzoeker aan de University of California van Santa Barbara, en tevens aan de Université de Paris VII in Frankrijk. Hij werd in 2005 fellow aan het CERN in Genève. In 2011 werd hij benoemd tot hoogleraar aan ITF, het Instituut voor Theoretische Fysica van de KU Leuven. Hij leidt er een onderzoeksgroep over de relatie tussen de oerknal en de snaartheorie. Hertog is mede-initiatiefnemer van het evenement KNAL! Stadsfestival van de Big Bang.

Thomas Hertog: "Mijn droom is om met KNAL! een gesprek op gang te brengen tussen brede lagen van de bevolking over onze verbondenheid met de kosmos."

Georges Lemaître kreeg veel erkenning voor het baanbrekende werk, maar geen Nobelprijs

De theorie van Georges Lemaître werd jarenlang betwist en zelfs door een vakgenoot wat lacherig als 'de bigbangtheorie' omschreven. Zijn inzichten blijven in de loop van de twintigste eeuw onderbelicht. Pas in de jaren zestig wordt zijn theorie algemeen aanvaard en langzaam maar zeker krijgt hij de erkenning voor zijn baanbrekende werk. Ondanks enkele nominaties heeft hij nooit de Nobelprijs gekregen...

Saillant detail is dat tientallen jaren later, de Belgisch theoretisch fysicus, François Englert wel een Nobelprijs kreeg. Deze deelde hij met de Brit Peter Higgs. Dit was voor de theoretische ontdekking van een mechanisme, dat bijdraagt aan kennis van de oorsprong van massa van subatomaire deeltjes. Dit werd nadien bevestigd door de ontdekking van het voorspelde fundamentele deeltje, door de ATLAS- en CMS-experimenten in de Large Hadron Collider van CERN. Deze collider produceerde een mini-oerknal..!

Heel opmerkelijk is dat Georges Lemaître een priester was. Zijn visie als kosmoloog en als priester wist hij echter goed te scheiden. Geloof en wetenschap waren voor hem twee aparte werelden: de schepping en de oerknal wilde hij dan ook niet met elkaar verbinden. Dat lijkt vandaag wellicht evident, maar dat was het negentig jaar geleden zeker niet. Ook het Vaticaan had respect voor Lemaître en benoemde hem tot voorzitter van de Pauselijke Academie voor Wetenschappen.

Interview met Liesbet Kusters  curator van PARCUM


Liesbet Kusters is curator van PARCUM, het Museum voor Religieuze Kunst en Cultuur in Abdij van Park te Leuven. Ze studeerde Kunstwetenschappen aan de KU Leuven waar ze in 2012 haar doctoraatstitel behaalde. Liesbet is tevens curator van de expositie 'Blik op Oneindig' dat tijdens het KNAL! Stadsfestival tot 16 januari in PARCUM is te zien. Deze bijzondere expo brengt je in hogere sferen en vertrekt van het menselijke verlangen om de wereld beter te begrijpen. Het raadsel van de oorsprong, de vraag naar de zin van het leven en het mysterie van de eindbestemming.

Je hebt Kunstwetenschappen gestudeerd aan de KU Leuven, vanwaar de interesse in kunst?

Dat komt door mijn vader. Door hem is mijn interesse voor geschiedenis ontstaan. Ik ben al van jongs af aan geboeid door alles wat met geschiedenis te maken heeft. Daarom wilde ik ook een studie volgen in die richting. Het moest wel iets tastbaars zijn, dat je ook kan werken met allerlei materialen en voorwerpen.

Dus niet louter op basis van archiefstukken. Ik kon toen archeologie gaan doen of kunstwetenschappen. Het laatste is het uiteindelijk geworden vanwege de breedte en verscheidenheid die het biedt, en ook de actualiteit. De grote fascinatie voor de middeleeuwse kunstgeschiedenis heeft er voor gezorgd dat dit mijn voornaamste interessegebied is geworden.

Je hebt onderzoek gedaan over een vrouw in ontmoeting met Jezus, waar gaat dit over?

Ten tijde van mijn studies aan de KU Leuven heb ik mijn doctoraat behaald, de volledige titel daarvan is deze: 'Tussen zoom en beeld. Het motief van de genezing van de Haemorrhoissa, Marcus 5: 24b-34, in de narratieve en visuele cultuur van de westerse Middeleeuwen. Een iconologische studie'.

Weliswaar een hele mond vol, maar dit is exact waar het over gaat! Mijn thesis ging over de bloedende zijwonde van Christus.

Prof. dr. Barbara Baert was toen mijn promotor. Na mijn studies ben ik een paar jaar bij haar blijven "hangen" op verschillende projecten. Een daarvan was een belangrijk onderzoeksproject rond de figuur van Maria Magdalena. Mijn taak was het brede middeleeuws iconografische veld te onderzoeken naar het 'Noli me tangere-motief', de voorstelling waarin Maria Magdalena de verrezen Christus ontmoet.

Daaruit is mijn doctoraatsonderzoek voortgekomen, heel specifiek rond het Haemorrhoissa-motief oftewel de 'bloedvloeiende' vrouw, een minder bekend verhaal uit de Bijbel. Markus beschrijft haar in zijn evangelie als een vrouw die al twaalf jaar lang aan een doorlopende menstruatie lijdt, en dus een taboe is, maar geneest als zij de mantel van Christus aanraakt.

Mijn doctoraatsonderzoek ging over de voorstelling van dit motief in de kunsten en de betekenis ervan in de narratieve en visuele cultuur in de Middeleeuwen.

Je bent curator bij PARCUM, het Museum voor Religieuze Kunst en Cultuur, hoe is dit op jouw pad gekomen?

Dat was in het najaar van 2012. Op de dag voordat mijn doctoraat ingeleverd moest worden werd ik benaderd met de vraag of ik aan de slag wilde gaan bij CRKC, het toenmalige Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur. Ik werd toen aangenomen voor onderzoek- en redactiewerk, en voor de functie inventarisator. Ik ging in kloosters inventarissen opmaken van het daar aanwezige onroerend erfgoed.

In die tijd werkte ik telkens onder losse contracten. Dit werd ook tweemaal onderbroken door een periode van zwangerschap. Maar in die periode werden er tevens plannen gesmeed voor de oprichting van een geheel vernieuwd museum in de schoot van het CRKC. Dit gebeurde in een samenwerkingsverband met de Stad Leuven, de KU Leuven en de Vlaamse Bisdommen.

Begin 2015 verscheen er een vacature voor curator. Ik heb toen mijn kans gewaagd en nooit gedacht dat ik het zou krijgen, maar kijk! Ik werk nu als curator in dienst van de KU Leuven en ben gedetacheerd aan PARCUM. Als curator ben ik verantwoordelijk voor de inhoudelijke lijn van het museum en haar werking, én de inhoudelijke uitbouw van de exposities.

Het is dus ontstaan vanuit een samenwerking. Wat kun je nog meer vertellen over PARCUM ?

Het is door de Vlaamse Overheid erkend als museum en expertisecentrum voor religieuze kunst en cultuur. PARCUM is gevestigd op de unieke locatie van de Abdij van Park in Leuven. Het is een van de best bewaarde Norbertijnenabdijen in Vlaanderen.

Als expertisecentrum biedt PARCUM een specifieke dienstverlening voor eigenaars en beheerders van publiek en privaat religieus erfgoed in Vlaanderen. Als museum ontsluit PARCUM religieus erfgoed, met bijzondere aandacht voor de betekenis van dit erfgoed in de diverse samenleving van vandaag. PARCUM creëert en faciliteert ruimte voor dialoog en reflectie rond dit religieus erfgoed, en doet dat in relatie tot de mens en maatschappij van vandaag de dag.

We hebben gezien dat PARCUM deel neemt aan het Stadsfestival KNAL! in Leuven. Op welke wijze nemen jullie hieraan deel?

PARCUM werd vanuit KunstLeuven gevraagd om mee te doen aan dit stadsbrede project. We organiseren binnen dit stadsfestival een expositie met de titel; 'Blik op Oneindig'. Het gaat over de oorsprongsgedachte, wat is voorgesteld vanuit religie en religieuze beleving.

Van oudsher stelt de mens zich grote levensvragen zoals: op zoek naar de oorsprong van het bestaan en de plek binnen een groter kosmologisch verhaal. In zowel religie als religieuze kunst is een manier gevonden om hiermee om te gaan bij het vinden van zingeving.

PARCUM gaat dieper in op de precieze betekenis van religie in dit groter verhaal, en op de zingevende rol die religieuze kunst hierbij op zich neemt. Zowel de vraag: 'Waar komen wij vandaan?' als de minstens even belangrijke vraag; 'Waar gaan wij naartoe?', vormen de rode draad in deze expositie.

In haar exposities brengt het museum PARCUM een gerichte dialoog tot stand tussen oude en hedendaagse artistieke expressies.

Niet alleen om het universele karakter, de gelaagdheid en herkenbaarheid van de verschillende thema’s te duiden, maar tevens de maatschappelijke inbedding en hedendaagse relevantie ervan te onderstrepen. En dit is voor deze thematiek niet anders. Thema's zoals de kosmologie, vergankelijkheid en eindigheid, mens- en wereldbeeld. Wat betekenen deze vandaag de dag?

Speciaal voor 'Blik op Oneindig' gaat PARCUM in dialoog met Marjolijn Van Heemstra. Ze is schrijfster, dichter, theatermaker, journalist en podcastmaker. Ze is gefascineerd door de vraag hoe de ruimte ons kan helpen om anders naar de aarde te gaan kijken. In de vorm van 'puntige reflecties' gekoppeld aan actuele vraagstukken, beschouwt ze het menselijk wereldbeeld en de vergankelijkheid van de mens.

Het erfgoed van religieuze kunst en cultuur in ons museum, verbindt zich in de expositie op een bijna onnavolgbare wijze aan hedendaagse reflecties rond gender en rassenongelijkheid, evenals onze omgang met vergankelijkheid, maakbaarheid en klimaat. Zelf vind ik het verrassend met ware kippenvelmomenten!


Lees meer over Belgische kunst:

Het Oostendse Mu.ZEE  vernieuwd